Gemeentegesprek op 25 april a.s. 20.00 uur in de Ark

Waartoe geroepen in Maarssenbroek? 

Na de kerkdienst van 8 april jl. waren er nogal wat mensen die door wilden praten over de vraag die in de preek werd gesteld en die herkenning opriep: ”Zijn we in De Ark bezig met de dingen van Christus of dobberen we maar wat? En als we dobberen is dat dan zo erg?” Het gaat wat betreft de meeste kerkbezoekers goed. We hebben geen tekort, er zijn geen vacatures, er is een fijne sfeer. Uit de huiskamergesprekken van het afgelopen jaar kwamen de sterke punten van onze Ark gemeenschap ook duidelijk naar voren: gastvrij, actief, ruimte voor experiment, vrijheid van beleving zowel qua geloofsinvulling als qua muzikale voorkeur, betrokken bij vragen van duurzaamheid en armoede. We zouden tevreden kunnen zijn. En waarom niet? Het is niet niks als je zo gemeenschap kunt zijn in deze tijd van individualisme.

Toch is het niet al tevredenheid. De één mist beleving en emotie en wil meer opwekkingslied, een ander wil meer inhoud, en weer een ander wil meer getuigenis van Christus naar buiten toe maar weet niet hoe.

In de lezing van die zondag uit Johannes 20 zendt Jezus zijn discipelen uit zoals Hij ook gezonden werd door de Vader. En Hij blaast de Heilige Geest op hen. Daar begint alles mee of er begint niks. Van bange mensen worden het vreugdevolle mensen. Er staat vervolgens geen concrete invulling van die zending. Alleen dat ze het mandaat meekrijgen om zonden te vergeven of niet. Maar gezonden zijn als Jezus betekent toch ook doen wat Hij deed: getuigen dat Gods Koninkrijk van liefde dichtbij is gekomen, genezen, delen, vergeven. Er staat niet bij dat alle christenen na hen dezelfde zendingsopdracht zullen ontvangen als die eerste twaalf discipelen. Daar gaan we meestal maar gewoon van uit. Door die voortgaande zending kon er ook hier een kerk ontstaan.
Kortom: wij zijn gezonden in een land dat hoog scoort op de tevredenheidsschaal, waar onderwijs, zorg, genezing, maatschappelijk werk, weduwen en wezen opvang, financiële ondersteuning buiten de kerk goed zijn georganiseerd, dat barst van de goede doelen organisaties. Wat nu? (RB)